Kinderwens na sterilisatie

Wie niet met vruchtbaarheidsproblemen kampt en het gezin compleet heeft, zal moeten overgaan tot anticonceptie om ongewenste gezinsuitbreiding te voorkomen. Aan de pil of aan het condoom, dus. Kies je voor rigoureuzer maatregelen, dan laat een van de partners zich steriliseren. In veel gevallen is dit de man. Geen enkel probleem, totdat er een kinderwens na sterilisatie optreedt. 

Sterilisatie wordt op redelijk grote schaal toegepast: per jaar worden ongeveer 20.000 mannen en 10.000 vrouwen gesteriliseerd. In relaties waarin de vrouw ouder is dan 35 jaar, is maar liefst in 50% van de gevallen een van de partners gesteriliseerd, waarin de mannen met twee derde ruim vertegenwoordigd zijn.

Spijt

Zolang het gezin bijeen blijft, zijn er (bijna) geen spijtoptanten te vinden. In vrijwel alle gevallen is er goed over nagedacht wie er wanneer en waarom gesteriliseerd wordt. Het gezin is compleet, het stel heeft geen kinderwens meer. Pas als de relatie op de klippen loopt en men na verloop van tijd een nieuwe partner krijgt, ontstaan de problemen.

Op zich is dat natuurlijk niet vreemd. Als je als vrouw een relatie aanknoopt met een gescheiden man, krijg je er in veel gevallen zijn kind(eren) bij cadeau. Dat is soms al moeilijk genoeg, maar niet onoverkomelijk. Wel willen vooral de vrouwen in dit verhaal na verloop van tijd ook nog graag een eigen kind met hun geliefde. Ontstaat deze kinderwens na sterilisatie van de man, dan moet de sterilisatie ongedaan gemaakt worden in de hoop samen een kindje te kunnen verwekken. Helaas gaat dit niet altijd zonder slag of stoot.

Sterilisatie ongedaan maken

De sterilisatie bij de man heet in medisch jargon een vasectomie. Bij deze ingreep, die poliklinisch wordt gedaan en met een half uur achter de rug is, worden de zaadleiders opgezocht en doorgesneden. Om te voorkomen dat de eindjes weer aan elkaar groeien, wordt er tevens een stukje van de zaadleider verwijderd. En daar zit ‘m precies de crux: verwijderde stukjes kan je natuurlijk niet meer terugplakken.

Is er dan helemaal geen hoop meer voor stellen met een kinderwens na sterilisatie? Gelukkig wel. Met een vaso-vasostomie probeert de arts de ingreep ongedaan te maken door de uiteindjes van de zaadleiders opnieuw met elkaar te verbinden. Dit is echter een veel moeilijker ingreep dan het doorsnijden van de zaadleiders.

Kans op succes

Voor wat betreft de zuiver technische kant van het verhaal, is het succespercentage groot: in 9 van de 10 gevallen krijgt men de eindjes aan elkaar geknoopt. Dit is echter nog geen garantie op een conceptie: zelfs al is er een doorgankelijke zaadleider gecreëerd, dan kan het alsnog voorkomen dat de man in kwestie onvruchtbaar is en blijft. Hierdoor kan de relatie onder grote druk komen te staan.

Of de vruchtbaarheid van de man zich herstelt, is afhankelijk van meerdere factoren. Bepalend hierbij zijn onder andere:

  • de lengte van het stuk verwijderde zaadleider;
  • de vruchtbaarheid van de man zoals deze was vóór de sterilisatie;
  • een eventuele zwelling van de zaadleider, waardoor herverbinding bemoeilijkt wordt;
  • de aanmaak van eventuele antistoffen. Mannen kunnen na een sterilisatie antistoffen aanmaken tegen hun eigen sperma.

Ook is het van belang hoeveel jaar de sterilisatie geleden is. Met ieder jaar dat er sinds de sterilisatie verstreken is, neemt de kans op zaadcellen af met 4% (per jaar). Al met al is de kans op een bevruchting na de hersteloperatie slechts 40 tot 50%, met andere woorden: ruim de helft van de mannen die hun sterilisatie ongedaan laat maken, is desalniettemin onvruchtbaar. Wel kunnen deze mannen eventueel in aanmerking komen voor een TESE-ingreep gecombineerd met ICSI.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *